Meest recente stand van zaken: verschil tussen versies

Uit Klimaatwiki
Tekst vervangen door "= ELI5 = De wereld heeft te maken met een klimaatcrisis — ''in real time''. Door de klimaatcrisis is de gemiddelde temperatuur wereldwijd gestegen, wat leidt tot vaker voorkomende hittegolven. Januari 2025 was wereldwijd de warmste januari ooit gemeten, met 1,75°C boven het pre-industriële niveau. Het Met Office verwacht dat de gemiddelde wereldwijde temperatuur in 2025 1,29°C tot 1,53°C boven het pre-industriële niveau zal liggen. Extreme weersomstandighed…"
Label: Vervangen
Regel 1: Regel 1:
= ELI5 =
= '''ELI5''' =
De wereld heeft te maken met een klimaatcrisis — ''in real time''.   
De wereld heeft te maken met een klimaatcrisis — ''in real time''.   


Regel 11: Regel 11:


= Stand van zaken op dit moment =
= Stand van zaken op dit moment =
'''Sinds het begin van de Industriële Revolutie, ruim 200 jaar geleden, is de concentratie van broeikasgassen in de atmosfeer enorm gestegen tot een niveau dat de afgelopen 800.000 jaar niet is voorgekomen. Dit heeft ons in onbekend terrein gebracht, waarbij het risico bestaat dat de aarde onleefbaar wordt voor de meeste planten en dieren inclusief de mens, als deze trend zich voortzet.'''
'''De opwarming is in 2024 gestegen tot 1,6 °C. Voorlopig gaat het slechts om één meetwaarde en één jaar, maar onderzoekers zeggen dat het niettemin dient als een scherpe herinnering dat de wereld zich op gevaarlijk terrein begeeft — sneller dan eerder werd gedacht. Het langjarig gemiddelde komt met 1,3 °C al dicht in de buurt van de 1,5 °C van het Akkoord van Parijs.'''
'''De gemiddelde persoon werd in 2024 blootgesteld aan zes extra weken van gevaarlijke hitte. Hoewel er andere factoren zijn die bijdragen aan de extremen van 2023 en 2024, is het een onomstotelijk bewezen feit dat de opwarming versnelt als gevolg van voortdurende uitstoot van broeikasgassen.'''
'''Dit hoofdstuk bespreekt de huidige toename van broeikasgassen, de stijging van de temperatuur en de gevolgen voor de rest van het systeem.'''
[[Bestand:Guardian CO2.jpg|gecentreerd|miniatuur|650x650px|''Het belangrijkste getal van de klimaatcrisis, de concentratie van CO<sub>2</sub> in de atmosfeer. Het niveau voor de Industriële Revolutie was 280 ppm. Het IPCC heeft als veilig niveau voor de stabilisatie van de opwarming 350 ppm bepaald. Het huidige niveau — en stijgend — ligt daar ver boven. Gegevens van NOAA. Credit: The Guardian.'']]
De opwarming van het Noordelijk Halfrond gaat in een sneller tempo dan die op het Zuidelijk Halfrond.
[[Bestand:Climate stripes NH SH.png|gecentreerd|miniatuur|650x650px|''Vergelijking van de temperatuurverandering tussen het Noordelijk (boven) en Zuidelijk Halfrond. Bron: Ed Hawkins, Climate Lab Book.'']]
=== KNMI Klimaatdashboard ===
''Jaargemiddelde temperatuur in Nederland met verwachting voor 2025. Bron: KNMI Klimaatdashboard.''
KNMI publiceert een klimaatdashboard dat dagelijks wordt geüpdatet. De toekomstprojecties zijn gebaseerd op vier klimaatscenario’s: '''Hd''' — Hoge CO<sub>2</sub>-uitstoot, verdroging, '''Hn''' — Hoge CO<sub>2</sub>-uitstoot, vernatting, '''Ld''' — Lage CO<sub>2</sub>-uitstoot, verdroging en '''Ln''' — Lage CO<sub>2</sub>-uitstoot, vernatting. Hieruit blijkt dat bij hoge CO<sub>2</sub>-uitstoot de temperatuur in 2100 wel 4 graden hoger kan zijn dan nu en meer dan 6 graden hoger dan in 1900.
Zie ook ''De Staat van ons Klimaat'' 2024 van het KNMI. Samengevat:
* Warmste jaar ooit gemeten
* Geen ijsdagen voor tweede jaar op rij
* Meer dagen met zware neerslag
* Bovengemiddeld warm jaar in Caribisch Nederland
* Tropische cycloon Kirk bereikt Europa
* Zeespiegel op recordhoogte
=== Global Climate Highlights 2024 ===
Begin januari 2025 publiceerde de Copernicus Climate Change Service (C3S) van de EU het rapport ''Global Climate Highlights 2024''. Rapporten van Berkeley Earth, ''Global Temperature Report for 2024'', en van Carbon Brief, ''State of the climate: 2024 sets a new record as the first year above 1.5C'', geven vergelijkbare resultaten. Hier de belangrijkste punten.
''Belangrijkste temperatuurstatistieken voor 2024.'' ''De schattingen voor de aarde hebben betrekking op de luchttemperatuur boven land en oceaan, die voor Europa en het Noordpoolgebied alleen boven land.'' ''De zeeoppervlaktetemperatuur wordt berekend voor het gebied tussen 60° Noorderbreedte en 60''° ''Zuiderbreedte. Bron: Copernicus. Gegevens:'' ''ERA5.'' ''Credit: C3S/ECMWF.''
* 2024 wordt bevestigd als het warmste jaar ooit met een wereldwijde gemiddelde temperatuur van 15,10 °C, waarmee 2023, het vorige warmste jaar, met 0,12 °C wordt ingehaald.
* 2024 ligt 1,60 °C boven een schatting van het pre-industriële niveau en is daarmee het eerste kalenderjaar dat de grens van 1,5 °C overschrijdt.
* Sinds juli 2023 lag de gemiddelde opwarming elke maand, behalve juli 2024, boven de 1,5 °C. Het gemiddelde voor 2023-2024 is 1,54 °C.
* De afgelopen 10 jaar (2015-2024) waren de 10 warmste jaren ooit gemeten.
* 2024 was het warmste jaar voor alle continenten, behalve Antarctica en Australazië.
* In 2024 lag in Europa de gemiddelde temperatuur op 10,69 °C, 1,47 °C boven het gemiddelde voor de referentieperiode 1991-2020, en 0,28 °C warmer dan het vorige record in 2020.
* Een nieuwe recordhoogte voor de dagelijkse wereldwijde gemiddelde temperatuur werd bereikt op 22 juli 2024, met 17,16 °C, volgens ERA5.
* In 2024 werd de hoogste extra-polaire jaargemiddelde zeeoppervlaktetemperatuur (SST) gemeten met een waarde van 20,87 °C, 0,28 °C warmer dan het vorige record in 2020 en 0,51 °C boven het gemiddelde van 1991-2020.
* De omvang van het Antarctische zee-ijs bereikte voor het tweede jaar op rij een record of bijna-record minimum. Van juni tot oktober 2024 was de maandelijkse omvang de op één na kleinste na 2023 en in november was deze omvang het kleinste.
* In 2024 bereikten broeikasgassen hun hoogste jaarlijkse niveau ooit gemeten in de atmosfeer. De kolomgemiddelde kooldioxideconcentraties bereikten 422 ppm, 2,9 ppm hoger dan in 2023, en methaan bereikte 1897 ppb, 4 ppb hoger dan in 2023.
* 2024 was het jaar met het hoogste waterdampgehalte in de atmosfeer ooit gemeten. Naarmate het waterdampgehalte in de atmosfeer toeneemt, zullen zware regenbuien intenser worden.
Berkeley Earth schat dat 2025 waarschijnlijk het op twee na warmste jaar ooit zal worden, door een verwachte afkoeling in de equatoriale Stille Oceaan. Deze La Niña (als die zich voodoet) zal echter naar verwachting zwak zijn en een terugkeer naar El Niño tegen het einde van 2025 is mogelijk. De schommelingen in temperatuur tussen El Niño en La Niña zijn de belangrijkste oorzaak van de voorspelbare jaarlijkse variatie in het wereldwijde temperatuurrecord.
=== Alarm ===
'''Een inventarisatie van klimaatindicatoren in 2024 concludeert dat we op de rand staan van een onomkeerbare klimaatramp. Dit is zonder enige twijfel een wereldwijde noodsituatie. Een groot deel van de bestaansvoorwaarden van het leven op aarde is in gevaar. We komen in een kritieke en onvoorspelbare nieuwe fase van de klimaatcrisis.'''
Een overzicht van de grootste klimaatrampen van 2024 in ''Nature''.
Al vele jaren luiden wetenschappers, waaronder een groep van meer dan 15.000, de noodklok over de dreigende gevaren van klimaatverandering door toenemende uitstoot van broeikasgassen en verandering van ecosystemen. Al een halve eeuw wordt de opwarming van de aarde correct voorspeld, zelfs voordat deze optrad - en niet alleen door onafhankelijke academische wetenschappers, maar ook door bedrijven die fossiele brandstoffen gebruiken.
Ondanks deze waarschuwingen gaan we nog steeds de verkeerde kant op; de uitstoot van fossiele brandstoffen is gestegen tot een recordhoogte en het huidige beleid zet de wereld op koers naar een temperatuurverhoging van minstens 2,7°C in 2100. Tragisch genoeg slagen we er niet in om dit te voorkomen en we kunnen nu alleen maar hopen dat we de omvang van de schade kunnen beperken.
We zijn getuige van de grimmige realiteit van de voorspellingen nu de gevolgen van het klimaat escaleren, met ongekende rampen over de hele wereld en menselijk en niet-menselijk lijden tot gevolg. We hebben de planeet nu in een abrupte omslag van het klimaat gebracht, een nijpende situatie die nog nooit eerder is voorgekomen in de geschiedenis van de aarde, laat staan in de annalen van het menselijk bestaan.
=== Klimaatindicatoren ===
Een hele reeks indicatoren in onderstaande grafiek laten de samenhang zien tussen de toename van broeikasgassen, opwarming van de aarde en andere verschijnselen die daarvan het gevolg zijn. Indicatoren (van boven naar beneden) zijn: kooldioxideconcentratie in de atmosfeer, warmte-inhoud in de oceanen, zeespiegelstijging, gemiddelde temperatuurstijging, stijging van temperaturen in de troposfeer, afname  van hoeveelheid Arctisch zee-ijs, eerdere bloei van de  kersenbloesems in Kyoto, stijging van vochtigheid boven land. De linkerkant van de grafiek laat zien dat de veranderingen in de afgelopen 200 jaar veel sneller hebben plaatsgevonden dan ooit eerder sinds het begin van de jaartelling. Dat geldt ook voor perioden verder terug in de aardgeschiedenis.
''Overzicht van de veranderingen in het wereldwijde klimaatsysteem. Grafiek door Ed Hawkins, Climate Lab Book.''
== 2.1 Toename van concentratie broeikasgassen ==
In hoofdstuk 1 wordt uitgelegd hoe het broeikaseffect werkt. Broeikasgassen — met name CO<sub>2</sub> — houden warmte in de atmosfeer vast en hoe hoger de concentratie broeikasgassen, hoe groter de opwarming. De huidige CO<sub>2</sub>-concentratie is bijna 430 ppm, wat heeft geleid tot een wereldwijde stijging van de temperatuur van gemiddeld 1,3 °C (gemiddeld over 30 jaar).
''Versterkte opwarming van het land is duidelijk zichtbaar in de oppervlaktetemperatuurmetingen van NOAA. Grafiek toont jaarlijkse gemiddelde temperaturen voor land (gele lijn), oceaan (donkerblauw) en land en oceaan samen (lichtblauw). Alle cijfers hebben betrekking op 1901-2020. Gegevens van NOAA.''
Sinds 1880 is de gemiddelde temperatuur op aarde met ongeveer 1,3 °C gestegen, en sinds 1975 is de opwarming versneld met ongeveer 0,2°C per decennium. Op het land zijn de maximumtemperaturen sinds 1975 nog sneller gestegen, tot meer dan 1,7 °C. De oceanen warmen langzamer op maar door hun grotere oppervlak ontvangen ze het grootste deel van de warmte-energie. Zie daarvoor Wat warmt op?.
Elke zomer verschijnen er meer verhalen over extreem en dodelijk weer, waarbij wetenschappers nu in staat zijn deze gebeurtenissen direct te koppelen aan klimaatverandering. (Zie Verdieping: Attributie.)
De temperatuurveranderingen vanaf het begin van onze jaartelling worden vaak geïllustreerd met de bekende 'hockeystickgrafiek', die voor het eerst in 1999 is gepubliceerd door Michael Mann, Raymond Bradley en Malcolm Hughes. Deze toont een sterke correlatie tussen stijgende CO<sub>2</sub>-niveaus en de opwarming van de aarde.
''De ‘hockeystick-grafiek’. Waargenomen klimaatverandering sinds het begin van de jaartelling. De rode lijn geeft de CO<sub>2</sub>-concentratie in de atmosfeer aan in ppm. De blauwe lijn geeft de temperatuurverandering ten opzichte van het pre-industriële niveau. De lichtblauwe band geeft het betrouwbaarheidsinterval aan rond de gemiddelde temperatuur. De data voor de gereconstrueerde temperatuur- en CO<sub>2</sub>-concentraties zijn afkomstig van het PAGES 2K netwerk.''
Die correlatie is geen toeval. De natuurkundige principes van de relatie tussen de CO<sub>2</sub> concentratie en de temperatuur van de atmosfeer zijn al sinds de 19e eeuw volledig bekend. Er is dus ook sprake van een duidelijk causaal verband. De stijgende CO<sub>2</sub>-concentratie is de oorzaak van de temperatuurstijging.
De pagina Natuurlijk broeikaseffect legt dit uit. In het kort: zonnestraling verwarmt het aardoppervlak. Dat zendt vervolgens langgolvige infraroodstraling (warmtestraling) omhoog. Een deel daarvan wordt opgenomen door de CO<sub>2</sub> in de atmosfeer die daardoor warmer wordt. Hoe hoger de concentratie CO<sub>2</sub>, hoe meer warmte in de atmosfeer wordt vastgehouden, dus hoe hoger de temperatuur.
''Animatie door Berkeley University van de relatie tussen de CO<sub>2</sub>-concentratie en de gemiddelde temperatuur op aarde vanaf 1850. CO<sub>2</sub>-concentratie op de x-as en temperatuur op de y-as. De animatie eindigt met drie verschillende uitstoot scenario's die respectievelijk uitkomen op 1,8, 2,2 en 2,7 °C. Carbon Dioxide and Global Temperature Visualization''
=== WMO Greenhouse Gas Bulletin 2024 ===
De World Meteorological Organization (WMO) van de VN publiceerde in oktober 2024 het ''WMO Greenhouse Gas Bulletin No. 20''. De concentratie broeikasgassen in de atmosfeer heeft in 2023 een recordhoogte bereikt. Koolstofdioxide hoopt zich sneller op dan ooit tevoren in de geschiedenis van de mensheid.
De voornaamste conclusies zijn:
* De CO<sub>2</sub>-concentraties zijn in slechts 20 jaar met 11,4% gestegen.
* De lange levensduur van CO<sub>2</sub> in de atmosfeer zet toekomstige temperatuurstijging vast.
* El Niño en vegetatiebranden hebben de temperatuurpiek van eind 2023 veroorzaakt.
* De effectiviteit van koolstofputten zoals bossen is niet meer vanzelfsprekend.
Zie Kosten van de transitie naar netto-nul.
=== Niets doen is geen optie ===
Het rapport van de VN milieu-organisatie UNEP uit 2023 stelt dat de wereld koerst op 2,6 tot 3,1°C opwarming. Alleen als de internationale gemeenschap ‘meedogenloos’ ingrijpt, kan de opwarming van de aarde beperkt blijven tot de 2°C die de wereld als uiterste grens heeft gesteld. Om de opwarming te beperken tot 1,5°C, moeten er vier keer zoveel klimaatmaatregelen komen als tot nu toe afgesproken.
''Links: verschillende niveaus van koolstofemissie (“representatieve concentratiepaden” of RCP's) in de 21e eeuw op basis van verschillende scenario’s van economische groei en energiebeleid.''
''Rechts: verwachte temperatuurstijging tot 2100, bij de verschillende RCP’s.''
Terwijl de uitstoot van broeikasgassen nieuwe hoogten bereikt, temperatuurrecords sneuvelen en de gevolgen voor het klimaat toenemen, concludeert het ''Emissions Gap Report 2023'' dat de wereld afstevent op een temperatuurstijging die ver boven de doelstellingen van het Akkoord van Parijs ligt, tenzij landen meer doen dan ze hebben beloofd.
Zoals de zaken er nu voor staan, zou het volledig uitvoeren van alle onvoorwaardelijke ''Nationally Determined Contributions'' (NDC's) die alle deelnemende landen in het kader van het Akkoord van Parijs plechtig hebben beloofd, leiden tot een temperatuurstijging eind deze eeuw van 2,9 °C. Door ook de voorwaardelijke NDC's volledig uit te voeren, zou dit dalen tot 2,5 °C. Omdat het Akkoord van Parijs uitgaat van een temperatuurstijging van maximaal 1,5 °C, is dit doel al feitelijk achterhaald.
Het rapport roept alle landen op om de transformatie naar koolstofarme ontwikkeling in de hele economie te versnellen. Landen die verantwoordelijk zijn voor grotere emissies zullen ambitieuzere maatregelen moeten nemen en ontwikkelingslanden moeten ondersteunen bij hun streven naar groei van een economie met lage uitstoot.
''Resultaten van een enquête onder 380 IPCC klimaatexperts. De meerderheid verwacht een stijging van 2,5 tot 3 °C aan het eind van deze eeuw.''
Uit een onderzoek van The Guardian onder 380 vooraanstaande klimaatexperts die betrokken zijn bij IPCC, bleek dat 77% van hen verwachtte dat de temperatuur deze eeuw wereldwijd met minstens 2,5 °C zal stijgen. Veel van hen gaan zelfs uit van een nog veel sterkere stijging. Hierdoor zullen catastrofale gevolgen optreden voor de mensheid en de planeet. Het aantal klimaatwetenschappers aan de andere kant dat erop vertrouwt dat de temperatuurstijging onder de 1,5 °C zal blijven, is verwaarloosbaar klein.
"De klimaatcrisis is DE bepalende uitdaging waar de mensheid voor staat en is nauw verweven met de ongelijkheidcrisis - zoals blijkt uit de toenemende voedselonzekerheid en migratiestromen — en het verlies aan biodiversiteit", aldus Celeste Saulo, vice-president van de World Meteorological Organization (WMO).
=== Verdieping: energie disbalans ===
''Schematische weergave van de huidige door de mens veroorzaakte energie disbalans van de aarde voor de periode 1971-2018. Waarden voor de periode 2010-2018 tussen haakjes.''
De '''energie disbalans van de aarde''' dient als een criterium waarmee wetenschappers en het publiek kunnen beoordelen of de mensheid in staat is de klimaatverandering onder controle te krijgen.
Dit onderzoek, de meest nauwkeurige warmte-inventarisatiestudie tot nu toe, berekent de totale energie disbalans van de planeet, dat wil zeggen het verschil tussen de hoeveelheid energie van de zon die bij de aarde aankomt en de hoeveelheid die terugkeert naar de ruimte. Het onderzoek laat zien dat de disbalans onverminderd blijft toenemen en de afgelopen tien jaar (2010-2018) is verdubbeld ten opzichte van de gemiddelde waarde van 1971-2018.
Slechts ongeveer 1% van deze warmte bevindt zich in de atmosfeer.
Het overgrote deel van de warmteoverschot (89%) wordt geabsorbeerd door de oceaan. Nieuwe evaluaties van boorgatmetingen laten zien dat de opwarming van het land 6% is. Ongeveer 4% van de overtollige warmte veroorzaakt het afsmelten van zowel landijs als drijfijs. Directe gevolgen van deze opwarming zijn onder andere zeespiegelstijging, ijsverlies en opwarming van de oceaan, het land en de atmosfeer.
''Satelliet- en in-situ-waarnemingen tonen aan dat de energie disbalans van de aarde tussen medio 2005 en medio 2019 ongeveer is verdubbeld. Deze toename wordt veroorzaakt door menselijke activiteiten, interne klimaatvariabiliteit en klimaatfeedbacks.''
Factoren zoals de afname van wolken en zee-ijs, en de toename van sporengassen en waterdamp, dragen gezamenlijk bij aan de versnelde opname van warmte door de aarde, waardoor de positieve trend in de energie disbalans verder wordt versterkt.
Deze disbalans is meteen een sterk argument tegen de bewering van klimaatsceptici dat de opwarming van de aarde wordt veroorzaakt door grotere zonne-activiteit.
== 2.2 Temperatuurstijging ==
''De opwarming van de aarde van jaar tot jaar van 1790 tot 2021. Bron: Ed Hawkins, Climate Lab Book.''
Op veel plaatsen in de wereld zijn weerstations die dagelijks de temperatuur meten. Die gegevens worden door meteorologische diensten en onderzoeksinstituten samengevat. Hoewel de methoden om daaruit de gemiddelde temperatuur op aarde te berekenen verschillen, is er grote overeenstemming in resultaten.
''Temperatuuranomalieën (afwijkingen van de gemiddelde temperatuur) berekend door vijf instituten. De grafiek laat een stijging zien van de gemiddelde temperatuur in °C op aarde sinds de Industriële Revolutie, vergeleken met het gemiddelde van 1951-1980. Overzicht van vijf databases samengesteld door NASA Earth Observatory.''
Hoewel er kleine variaties zijn van jaar tot jaar, vertonen alle vijf de databases pieken en dalen die synchroon lopen. Ze laten allemaal een versnelde opwarming zien in de afgelopen decennia en allemaal laten ze het laatste decennium zien als het warmste.
''Gemiddelde temperatuur in Nederland vanaf 1706. 3-jarig gemiddelde lichtblauw. 11-jarig gemiddelde magenta. 30-jarig gemiddelde donkerblauw. Bron: KNMI. Grafiek: Datagraver.com.''
De grafiek laat een aantal interessante trends zien. In lijn met de wereldwijde stijging van de temperatuur zien we ook in Nederland een stijging vanaf de Industriële Revolutie en een versnelde stijging vanaf 1950. Het 11-jarig gemiddelde geeft de variatie van de zonneactiviteit weer. Het 30-jarig gemiddelde laat zien dat er inderdaad sprake is van klimaatverandering.
Uit wereldwijde waarnemingen blijkt dat de gemiddelde temperatuur op aarde sinds de Industriële Revolutie met ongeveer 1,3°C is gestegen. Hoewel sommige gebieden sneller opwarmen dan andere, zien we overal een stijging van de gemiddelde temperatuur.
2021TempAnomalyC_GISSTEMP_1080p30.mp4
Deze kleurgecodeerde wereldkaart toont een steeds grotere afwijking van de gemiddelde temperatuur wereldwijd. Normale temperaturen worden in het wit weergegeven. Hoger dan normale temperaturen worden weergegeven in rood en lager dan normale temperaturen in blauw. Normale temperaturen zijn berekend over de 30-jarige basisperiode 1951-1980. Het laatste frame geeft de 5-jaars mondiale temperatuurafwijkingen van 2018-2022 weer.
=== Verdieping: Wat warmt op? ===
We zeggen: de aarde warmt op, maar het zijn vooral de oceanen die opwarmen. Zij beslaan het grootste deel van het aardoppervlak en nemen verreweg de meeste warmte in zich op.
''Warmte opname (energie in zettajoule, ZJ) door oceanen (licht- en donkerblauw), ijs (lichtgrijs), land (bruin) en atmosfeer (paars) vanaf 1971. De gestippelde lijnen geven de totale onzekerheid aan. Figuur uit IPCC Synthesis Report (2014).''
De opwarming van de oceanen (verandering van de warmte-inhoud) domineert, waarbij het bovenste deel van de oceaan (lichtblauw, tot 700 m diep) een grotere bijdrage levert dan de diepe oceaan (donkerblauw, meer dan 700 m diep; inclusief schattingen onder 2000 m vanaf 1992). De andere domeinen leveren kleinere bijdragen: ijssmelt (lichtgrijs; voor gletsjers en ijskappen, schatting van de Groenlandse en Antarctische ijskappen vanaf 1992, schatting van het Arctische zee-ijs vanaf 1979-2008), opwarming van land (oranje) en opwarming van de atmosfeer (paars; schatting vanaf 1979). De onzekerheid in de oceaanschatting domineert ook de totale onzekerheid (stippellijnen over de fout van alle vijf domeinen met 90% betrouwbaarheidsintervallen).
Nieuw onderzoek, gepubliceerd in 2025, laat zien dat de opwarming van de oceanen gedurende de laatste 40 jaar vier keer zo snel gaat als in de periode ervoor. Aan het eind van de jaren tachtig steeg de temperatuur van de oceanen met ongeveer 0,06 °C per decennium. Inmiddels is dat cijfer gestegen tot 0,27 °C per decennium. De uitkomsten geven aan dat de algehele snelheid van opwarming van de oceanen die de afgelopen decennia is waargenomen, toekomstige trends mogelijk niet betrouwbaar voorspelt. Het is denkbaar dat de temperatuurstijging van de oceanen die de afgelopen 40 jaar is geregistreerd, binnen de komende 20 jaar wordt overtroffen. Aangezien de temperatuur van het oceaanoppervlak een cruciale rol speelt bij de opwarming van de aarde, heeft deze ontwikkeling belangrijke gevolgen voor het klimaat als geheel.
De oceanen hebben een enorme thermische massa vergeleken met de atmosfeer en het land. Ze fungeren bovendien niet alleen als warmteopslag, maar ook als warmtetransportsysteem van de planeet, omdat de oceaanstromingen de warmte herverdelen. De opgeslagen warmte in de oceanen zal de lagere atmosfeer blijven opwarmen, ongeacht welke veranderingen we in de toekomst in de atmosfeer teweegbrengen.
=== Verdieping: verder terug in de tijd ===
Wanneer we verder terugkijken in de tijd, zien we dat de huidige opwarming zonder precedent is in de afgelopen 2020 jaar.
''Afwijkingen van de temperatuur sinds het begin van de jaartelling vergeleken met het gemiddelde van 1850-1900. De lichtrode band geeft de Middeleeuwse Warme Periode aan en de lichtblauwe band de Kleine IJstijd. Grote vulkaanuitbarstingen in de afgelopen millennia hebben nauwelijks effect gehad op de temperatuurverandering.''
Deze grafiek van Ed Hawkins combineert directe temperatuurmetingen met diverse klimaatreconstructies, op basis van boomringen, druipstenen, koralen, enz.  Die bevatten een mate van onzekerheid die wordt aangegeven door de grijze band. De stijging van de temperatuur tijdens de laatste 50 jaar is groter en sneller dan ooit tevoren.
De gegevens laten zien dat er nu in de moderne periode iets heel anders gebeurt dan in het verleden. Ook in de vaak genoemde Middeleeuwse warme periode en Kleine IJstijd veranderde de temperatuur, maar veel minder en veel trager dan nu. De Middeleeuwse warme periode was koeler dan de huidige periode. Afkoeling na grote vulkaanuitbarstingen, zoals in de grafiek aangegeven, duurt meestal maar een paar jaar en heeft weinig effect op de langdurige temperatuurontwikkeling.
Het Maunder Minimum is een periode tussen 1645 en 1715 waarin zonnevlekken zeldzaam waren. Dat wijst op een lagere zonneactiviteit en daarmee een daling van de hoeveelheid stralingsenergie op aarde. Dit wordt wel in verband gebracht met de Kleine IJstijd, tussen ongeveer 1350 en 1850, waarin de gemiddelde temperatuur ongeveer 1 °C lager was dan het gemiddelde. Of er sprake is van een causaal verband is allerminst zeker.
=== Verdieping: regionale verschillen ===
Het Copernicus rapport Global Climate Highlights 2024 laat zien hoe de temperatuurveranderingen in dat jaar uiteenliepen.
Gezien de immense omvang en warmtecapaciteit van de oceanen is er een enorme hoeveelheid extra energie nodig om de gemiddelde jaarlijkse oppervlaktetemperatuur van de aarde ook maar een klein beetje te doen stijgen. Hoewel een toename van 1,3 °C sinds het begin van het industriële tijdperk (1850-1900) misschien weinig lijkt, vertegenwoordigt dit een aanzienlijke toename van de geaccumuleerde warmte-energie.
Deze extra warmte leidt tot regionale en seizoensgebonden temperatuurpieken, vermindert de sneeuwbedekking en het zee-ijs, versterkt zware regenval en verstoort leefgebieden van planten en dieren, waarbij die van sommige soorten groter worden en andere juist kleiner.
''Stijging van de temperatuur aan het aardoppervlak (in °F) in de afgelopen 30 jaar (1994-2023, onder) vergeleken met de stijging sinds het begin van de 20e eeuw (1901-2023, boven). Bron: NOAA Climate.gov, met gegevens van NOAA National Centers for Environmental Information.''
Zoals de kaart laat zien, is de opwarming in de afgelopen 30 jaar veel sneller gegaan dan de gemiddelde snelheid van de opwarming in de afgelopen 120 jaar sinds het begin van de 20e eeuw. Ook is duidelijk dat de meeste landgebieden sneller opwarmen dan de oceanen en dat het Noordpoolgebied sneller opwarmt dan vrijwel alle andere regio's. Op sommige locaties is de opwarming 0,5 °C of meer per decennium. De verschillen zijn het grootst in het noordpoolgebied, waar het verlies van reflecterend ijs en sneeuw de opwarming versterkt.
== 2.3 Gevolgen voor de rest van het systeem ==
De opwarming van de atmosfeer en oceanen heeft verstrekkende gevolgen voor andere elementen van het systeem aarde, omdat onze planeet één onderling verbonden geheel vormt. Het is lastig om exacte veranderingen te voorspellen, aangezien het gaat om complexe en niet-lineaire processen. Bovendien blijken nieuwe voorspellingen doorgaans zorgwekkender dan eerdere inschattingen.
Volgende hoofdstukken inventariseren de gevolgen van de opwarming voor de verschillende componenten van het systeem aarde: de atmosfeer, de waterhuishouding, de cryosfeer, de oceanen, de biosfeer, de gezondheid, de economie en de sociale en politieke omstandigheden.

Versie van 16 feb 2025 15:30

ELI5

De wereld heeft te maken met een klimaatcrisis — in real time.

Door de klimaatcrisis is de gemiddelde temperatuur wereldwijd gestegen, wat leidt tot vaker voorkomende hittegolven. Januari 2025 was wereldwijd de warmste januari ooit gemeten, met 1,75°C boven het pre-industriële niveau. Het Met Office verwacht dat de gemiddelde wereldwijde temperatuur in 2025 1,29°C tot 1,53°C boven het pre-industriële niveau zal liggen.

Extreme weersomstandigheden, zoals hittegolven, overstromingen en orkanen, komen wereldwijd steeds vaker voor. Klimaatverandering heeft vorig jaar bijgedragen aan 41 extra dagen van extreme hitte en deskundigen waarschuwen dat zolang er fossiele brandstoffen worden verbrand, extreme weersomstandigheden alleen maar erger zullen worden.

Poolijskappen smelten en de zee stijgt.

Ontwikkelingslanden worden geconfronteerd met de zwaarste gevolgen van klimaatverandering, ondanks het feit dat ze het minst bijdragen aan de uitstoot van broeikasgassen.

Stand van zaken op dit moment

Sinds het begin van de Industriële Revolutie, ruim 200 jaar geleden, is de concentratie van broeikasgassen in de atmosfeer enorm gestegen tot een niveau dat de afgelopen 800.000 jaar niet is voorgekomen. Dit heeft ons in onbekend terrein gebracht, waarbij het risico bestaat dat de aarde onleefbaar wordt voor de meeste planten en dieren inclusief de mens, als deze trend zich voortzet.

De opwarming is in 2024 gestegen tot 1,6 °C. Voorlopig gaat het slechts om één meetwaarde en één jaar, maar onderzoekers zeggen dat het niettemin dient als een scherpe herinnering dat de wereld zich op gevaarlijk terrein begeeft — sneller dan eerder werd gedacht. Het langjarig gemiddelde komt met 1,3 °C al dicht in de buurt van de 1,5 °C van het Akkoord van Parijs.

De gemiddelde persoon werd in 2024 blootgesteld aan zes extra weken van gevaarlijke hitte. Hoewel er andere factoren zijn die bijdragen aan de extremen van 2023 en 2024, is het een onomstotelijk bewezen feit dat de opwarming versnelt als gevolg van voortdurende uitstoot van broeikasgassen.

Dit hoofdstuk bespreekt de huidige toename van broeikasgassen, de stijging van de temperatuur en de gevolgen voor de rest van het systeem.

Het belangrijkste getal van de klimaatcrisis, de concentratie van CO2 in de atmosfeer. Het niveau voor de Industriële Revolutie was 280 ppm. Het IPCC heeft als veilig niveau voor de stabilisatie van de opwarming 350 ppm bepaald. Het huidige niveau — en stijgend — ligt daar ver boven. Gegevens van NOAA. Credit: The Guardian.

De opwarming van het Noordelijk Halfrond gaat in een sneller tempo dan die op het Zuidelijk Halfrond.

Vergelijking van de temperatuurverandering tussen het Noordelijk (boven) en Zuidelijk Halfrond. Bron: Ed Hawkins, Climate Lab Book.


KNMI Klimaatdashboard

Jaargemiddelde temperatuur in Nederland met verwachting voor 2025. Bron: KNMI Klimaatdashboard.

KNMI publiceert een klimaatdashboard dat dagelijks wordt geüpdatet. De toekomstprojecties zijn gebaseerd op vier klimaatscenario’s: Hd — Hoge CO2-uitstoot, verdroging, Hn — Hoge CO2-uitstoot, vernatting, Ld — Lage CO2-uitstoot, verdroging en Ln — Lage CO2-uitstoot, vernatting. Hieruit blijkt dat bij hoge CO2-uitstoot de temperatuur in 2100 wel 4 graden hoger kan zijn dan nu en meer dan 6 graden hoger dan in 1900.

Zie ook De Staat van ons Klimaat 2024 van het KNMI. Samengevat:

  • Warmste jaar ooit gemeten
  • Geen ijsdagen voor tweede jaar op rij
  • Meer dagen met zware neerslag
  • Bovengemiddeld warm jaar in Caribisch Nederland
  • Tropische cycloon Kirk bereikt Europa
  • Zeespiegel op recordhoogte

Global Climate Highlights 2024

Begin januari 2025 publiceerde de Copernicus Climate Change Service (C3S) van de EU het rapport Global Climate Highlights 2024. Rapporten van Berkeley Earth, Global Temperature Report for 2024, en van Carbon Brief, State of the climate: 2024 sets a new record as the first year above 1.5C, geven vergelijkbare resultaten. Hier de belangrijkste punten.

Belangrijkste temperatuurstatistieken voor 2024. De schattingen voor de aarde hebben betrekking op de luchttemperatuur boven land en oceaan, die voor Europa en het Noordpoolgebied alleen boven land. De zeeoppervlaktetemperatuur wordt berekend voor het gebied tussen 60° Noorderbreedte en 60° Zuiderbreedte. Bron: Copernicus. Gegevens: ERA5. Credit: C3S/ECMWF.

  • 2024 wordt bevestigd als het warmste jaar ooit met een wereldwijde gemiddelde temperatuur van 15,10 °C, waarmee 2023, het vorige warmste jaar, met 0,12 °C wordt ingehaald.
  • 2024 ligt 1,60 °C boven een schatting van het pre-industriële niveau en is daarmee het eerste kalenderjaar dat de grens van 1,5 °C overschrijdt.
  • Sinds juli 2023 lag de gemiddelde opwarming elke maand, behalve juli 2024, boven de 1,5 °C. Het gemiddelde voor 2023-2024 is 1,54 °C.
  • De afgelopen 10 jaar (2015-2024) waren de 10 warmste jaren ooit gemeten.
  • 2024 was het warmste jaar voor alle continenten, behalve Antarctica en Australazië.
  • In 2024 lag in Europa de gemiddelde temperatuur op 10,69 °C, 1,47 °C boven het gemiddelde voor de referentieperiode 1991-2020, en 0,28 °C warmer dan het vorige record in 2020.
  • Een nieuwe recordhoogte voor de dagelijkse wereldwijde gemiddelde temperatuur werd bereikt op 22 juli 2024, met 17,16 °C, volgens ERA5.
  • In 2024 werd de hoogste extra-polaire jaargemiddelde zeeoppervlaktetemperatuur (SST) gemeten met een waarde van 20,87 °C, 0,28 °C warmer dan het vorige record in 2020 en 0,51 °C boven het gemiddelde van 1991-2020.
  • De omvang van het Antarctische zee-ijs bereikte voor het tweede jaar op rij een record of bijna-record minimum. Van juni tot oktober 2024 was de maandelijkse omvang de op één na kleinste na 2023 en in november was deze omvang het kleinste.
  • In 2024 bereikten broeikasgassen hun hoogste jaarlijkse niveau ooit gemeten in de atmosfeer. De kolomgemiddelde kooldioxideconcentraties bereikten 422 ppm, 2,9 ppm hoger dan in 2023, en methaan bereikte 1897 ppb, 4 ppb hoger dan in 2023.
  • 2024 was het jaar met het hoogste waterdampgehalte in de atmosfeer ooit gemeten. Naarmate het waterdampgehalte in de atmosfeer toeneemt, zullen zware regenbuien intenser worden.

Berkeley Earth schat dat 2025 waarschijnlijk het op twee na warmste jaar ooit zal worden, door een verwachte afkoeling in de equatoriale Stille Oceaan. Deze La Niña (als die zich voodoet) zal echter naar verwachting zwak zijn en een terugkeer naar El Niño tegen het einde van 2025 is mogelijk. De schommelingen in temperatuur tussen El Niño en La Niña zijn de belangrijkste oorzaak van de voorspelbare jaarlijkse variatie in het wereldwijde temperatuurrecord.

Alarm

Een inventarisatie van klimaatindicatoren in 2024 concludeert dat we op de rand staan van een onomkeerbare klimaatramp. Dit is zonder enige twijfel een wereldwijde noodsituatie. Een groot deel van de bestaansvoorwaarden van het leven op aarde is in gevaar. We komen in een kritieke en onvoorspelbare nieuwe fase van de klimaatcrisis.

Een overzicht van de grootste klimaatrampen van 2024 in Nature.

Al vele jaren luiden wetenschappers, waaronder een groep van meer dan 15.000, de noodklok over de dreigende gevaren van klimaatverandering door toenemende uitstoot van broeikasgassen en verandering van ecosystemen. Al een halve eeuw wordt de opwarming van de aarde correct voorspeld, zelfs voordat deze optrad - en niet alleen door onafhankelijke academische wetenschappers, maar ook door bedrijven die fossiele brandstoffen gebruiken.

Ondanks deze waarschuwingen gaan we nog steeds de verkeerde kant op; de uitstoot van fossiele brandstoffen is gestegen tot een recordhoogte en het huidige beleid zet de wereld op koers naar een temperatuurverhoging van minstens 2,7°C in 2100. Tragisch genoeg slagen we er niet in om dit te voorkomen en we kunnen nu alleen maar hopen dat we de omvang van de schade kunnen beperken.

We zijn getuige van de grimmige realiteit van de voorspellingen nu de gevolgen van het klimaat escaleren, met ongekende rampen over de hele wereld en menselijk en niet-menselijk lijden tot gevolg. We hebben de planeet nu in een abrupte omslag van het klimaat gebracht, een nijpende situatie die nog nooit eerder is voorgekomen in de geschiedenis van de aarde, laat staan in de annalen van het menselijk bestaan.

Klimaatindicatoren

Een hele reeks indicatoren in onderstaande grafiek laten de samenhang zien tussen de toename van broeikasgassen, opwarming van de aarde en andere verschijnselen die daarvan het gevolg zijn. Indicatoren (van boven naar beneden) zijn: kooldioxideconcentratie in de atmosfeer, warmte-inhoud in de oceanen, zeespiegelstijging, gemiddelde temperatuurstijging, stijging van temperaturen in de troposfeer, afname  van hoeveelheid Arctisch zee-ijs, eerdere bloei van de  kersenbloesems in Kyoto, stijging van vochtigheid boven land. De linkerkant van de grafiek laat zien dat de veranderingen in de afgelopen 200 jaar veel sneller hebben plaatsgevonden dan ooit eerder sinds het begin van de jaartelling. Dat geldt ook voor perioden verder terug in de aardgeschiedenis.

Overzicht van de veranderingen in het wereldwijde klimaatsysteem. Grafiek door Ed Hawkins, Climate Lab Book.

2.1 Toename van concentratie broeikasgassen

In hoofdstuk 1 wordt uitgelegd hoe het broeikaseffect werkt. Broeikasgassen — met name CO2 — houden warmte in de atmosfeer vast en hoe hoger de concentratie broeikasgassen, hoe groter de opwarming. De huidige CO2-concentratie is bijna 430 ppm, wat heeft geleid tot een wereldwijde stijging van de temperatuur van gemiddeld 1,3 °C (gemiddeld over 30 jaar).

Versterkte opwarming van het land is duidelijk zichtbaar in de oppervlaktetemperatuurmetingen van NOAA. Grafiek toont jaarlijkse gemiddelde temperaturen voor land (gele lijn), oceaan (donkerblauw) en land en oceaan samen (lichtblauw). Alle cijfers hebben betrekking op 1901-2020. Gegevens van NOAA.

Sinds 1880 is de gemiddelde temperatuur op aarde met ongeveer 1,3 °C gestegen, en sinds 1975 is de opwarming versneld met ongeveer 0,2°C per decennium. Op het land zijn de maximumtemperaturen sinds 1975 nog sneller gestegen, tot meer dan 1,7 °C. De oceanen warmen langzamer op maar door hun grotere oppervlak ontvangen ze het grootste deel van de warmte-energie. Zie daarvoor Wat warmt op?.

Elke zomer verschijnen er meer verhalen over extreem en dodelijk weer, waarbij wetenschappers nu in staat zijn deze gebeurtenissen direct te koppelen aan klimaatverandering. (Zie Verdieping: Attributie.)

De temperatuurveranderingen vanaf het begin van onze jaartelling worden vaak geïllustreerd met de bekende 'hockeystickgrafiek', die voor het eerst in 1999 is gepubliceerd door Michael Mann, Raymond Bradley en Malcolm Hughes. Deze toont een sterke correlatie tussen stijgende CO2-niveaus en de opwarming van de aarde.

De ‘hockeystick-grafiek’. Waargenomen klimaatverandering sinds het begin van de jaartelling. De rode lijn geeft de CO2-concentratie in de atmosfeer aan in ppm. De blauwe lijn geeft de temperatuurverandering ten opzichte van het pre-industriële niveau. De lichtblauwe band geeft het betrouwbaarheidsinterval aan rond de gemiddelde temperatuur. De data voor de gereconstrueerde temperatuur- en CO2-concentraties zijn afkomstig van het PAGES 2K netwerk.

Die correlatie is geen toeval. De natuurkundige principes van de relatie tussen de CO2 concentratie en de temperatuur van de atmosfeer zijn al sinds de 19e eeuw volledig bekend. Er is dus ook sprake van een duidelijk causaal verband. De stijgende CO2-concentratie is de oorzaak van de temperatuurstijging.

De pagina Natuurlijk broeikaseffect legt dit uit. In het kort: zonnestraling verwarmt het aardoppervlak. Dat zendt vervolgens langgolvige infraroodstraling (warmtestraling) omhoog. Een deel daarvan wordt opgenomen door de CO2 in de atmosfeer die daardoor warmer wordt. Hoe hoger de concentratie CO2, hoe meer warmte in de atmosfeer wordt vastgehouden, dus hoe hoger de temperatuur.

Animatie door Berkeley University van de relatie tussen de CO2-concentratie en de gemiddelde temperatuur op aarde vanaf 1850. CO2-concentratie op de x-as en temperatuur op de y-as. De animatie eindigt met drie verschillende uitstoot scenario's die respectievelijk uitkomen op 1,8, 2,2 en 2,7 °C. Carbon Dioxide and Global Temperature Visualization

WMO Greenhouse Gas Bulletin 2024

De World Meteorological Organization (WMO) van de VN publiceerde in oktober 2024 het WMO Greenhouse Gas Bulletin No. 20. De concentratie broeikasgassen in de atmosfeer heeft in 2023 een recordhoogte bereikt. Koolstofdioxide hoopt zich sneller op dan ooit tevoren in de geschiedenis van de mensheid.

De voornaamste conclusies zijn:

  • De CO2-concentraties zijn in slechts 20 jaar met 11,4% gestegen.
  • De lange levensduur van CO2 in de atmosfeer zet toekomstige temperatuurstijging vast.
  • El Niño en vegetatiebranden hebben de temperatuurpiek van eind 2023 veroorzaakt.
  • De effectiviteit van koolstofputten zoals bossen is niet meer vanzelfsprekend.

Zie Kosten van de transitie naar netto-nul.

Niets doen is geen optie

Het rapport van de VN milieu-organisatie UNEP uit 2023 stelt dat de wereld koerst op 2,6 tot 3,1°C opwarming. Alleen als de internationale gemeenschap ‘meedogenloos’ ingrijpt, kan de opwarming van de aarde beperkt blijven tot de 2°C die de wereld als uiterste grens heeft gesteld. Om de opwarming te beperken tot 1,5°C, moeten er vier keer zoveel klimaatmaatregelen komen als tot nu toe afgesproken.

Links: verschillende niveaus van koolstofemissie (“representatieve concentratiepaden” of RCP's) in de 21e eeuw op basis van verschillende scenario’s van economische groei en energiebeleid.

Rechts: verwachte temperatuurstijging tot 2100, bij de verschillende RCP’s.

Terwijl de uitstoot van broeikasgassen nieuwe hoogten bereikt, temperatuurrecords sneuvelen en de gevolgen voor het klimaat toenemen, concludeert het Emissions Gap Report 2023 dat de wereld afstevent op een temperatuurstijging die ver boven de doelstellingen van het Akkoord van Parijs ligt, tenzij landen meer doen dan ze hebben beloofd.

Zoals de zaken er nu voor staan, zou het volledig uitvoeren van alle onvoorwaardelijke Nationally Determined Contributions (NDC's) die alle deelnemende landen in het kader van het Akkoord van Parijs plechtig hebben beloofd, leiden tot een temperatuurstijging eind deze eeuw van 2,9 °C. Door ook de voorwaardelijke NDC's volledig uit te voeren, zou dit dalen tot 2,5 °C. Omdat het Akkoord van Parijs uitgaat van een temperatuurstijging van maximaal 1,5 °C, is dit doel al feitelijk achterhaald.

Het rapport roept alle landen op om de transformatie naar koolstofarme ontwikkeling in de hele economie te versnellen. Landen die verantwoordelijk zijn voor grotere emissies zullen ambitieuzere maatregelen moeten nemen en ontwikkelingslanden moeten ondersteunen bij hun streven naar groei van een economie met lage uitstoot.

Resultaten van een enquête onder 380 IPCC klimaatexperts. De meerderheid verwacht een stijging van 2,5 tot 3 °C aan het eind van deze eeuw.

Uit een onderzoek van The Guardian onder 380 vooraanstaande klimaatexperts die betrokken zijn bij IPCC, bleek dat 77% van hen verwachtte dat de temperatuur deze eeuw wereldwijd met minstens 2,5 °C zal stijgen. Veel van hen gaan zelfs uit van een nog veel sterkere stijging. Hierdoor zullen catastrofale gevolgen optreden voor de mensheid en de planeet. Het aantal klimaatwetenschappers aan de andere kant dat erop vertrouwt dat de temperatuurstijging onder de 1,5 °C zal blijven, is verwaarloosbaar klein.

"De klimaatcrisis is DE bepalende uitdaging waar de mensheid voor staat en is nauw verweven met de ongelijkheidcrisis - zoals blijkt uit de toenemende voedselonzekerheid en migratiestromen — en het verlies aan biodiversiteit", aldus Celeste Saulo, vice-president van de World Meteorological Organization (WMO).

Verdieping: energie disbalans

Schematische weergave van de huidige door de mens veroorzaakte energie disbalans van de aarde voor de periode 1971-2018. Waarden voor de periode 2010-2018 tussen haakjes.

De energie disbalans van de aarde dient als een criterium waarmee wetenschappers en het publiek kunnen beoordelen of de mensheid in staat is de klimaatverandering onder controle te krijgen.

Dit onderzoek, de meest nauwkeurige warmte-inventarisatiestudie tot nu toe, berekent de totale energie disbalans van de planeet, dat wil zeggen het verschil tussen de hoeveelheid energie van de zon die bij de aarde aankomt en de hoeveelheid die terugkeert naar de ruimte. Het onderzoek laat zien dat de disbalans onverminderd blijft toenemen en de afgelopen tien jaar (2010-2018) is verdubbeld ten opzichte van de gemiddelde waarde van 1971-2018.

Slechts ongeveer 1% van deze warmte bevindt zich in de atmosfeer.

Het overgrote deel van de warmteoverschot (89%) wordt geabsorbeerd door de oceaan. Nieuwe evaluaties van boorgatmetingen laten zien dat de opwarming van het land 6% is. Ongeveer 4% van de overtollige warmte veroorzaakt het afsmelten van zowel landijs als drijfijs. Directe gevolgen van deze opwarming zijn onder andere zeespiegelstijging, ijsverlies en opwarming van de oceaan, het land en de atmosfeer.

Satelliet- en in-situ-waarnemingen tonen aan dat de energie disbalans van de aarde tussen medio 2005 en medio 2019 ongeveer is verdubbeld. Deze toename wordt veroorzaakt door menselijke activiteiten, interne klimaatvariabiliteit en klimaatfeedbacks.

Factoren zoals de afname van wolken en zee-ijs, en de toename van sporengassen en waterdamp, dragen gezamenlijk bij aan de versnelde opname van warmte door de aarde, waardoor de positieve trend in de energie disbalans verder wordt versterkt.

Deze disbalans is meteen een sterk argument tegen de bewering van klimaatsceptici dat de opwarming van de aarde wordt veroorzaakt door grotere zonne-activiteit.

2.2 Temperatuurstijging

De opwarming van de aarde van jaar tot jaar van 1790 tot 2021. Bron: Ed Hawkins, Climate Lab Book.

Op veel plaatsen in de wereld zijn weerstations die dagelijks de temperatuur meten. Die gegevens worden door meteorologische diensten en onderzoeksinstituten samengevat. Hoewel de methoden om daaruit de gemiddelde temperatuur op aarde te berekenen verschillen, is er grote overeenstemming in resultaten.

Temperatuuranomalieën (afwijkingen van de gemiddelde temperatuur) berekend door vijf instituten. De grafiek laat een stijging zien van de gemiddelde temperatuur in °C op aarde sinds de Industriële Revolutie, vergeleken met het gemiddelde van 1951-1980. Overzicht van vijf databases samengesteld door NASA Earth Observatory.

Hoewel er kleine variaties zijn van jaar tot jaar, vertonen alle vijf de databases pieken en dalen die synchroon lopen. Ze laten allemaal een versnelde opwarming zien in de afgelopen decennia en allemaal laten ze het laatste decennium zien als het warmste.

Gemiddelde temperatuur in Nederland vanaf 1706. 3-jarig gemiddelde lichtblauw. 11-jarig gemiddelde magenta. 30-jarig gemiddelde donkerblauw. Bron: KNMI. Grafiek: Datagraver.com.

De grafiek laat een aantal interessante trends zien. In lijn met de wereldwijde stijging van de temperatuur zien we ook in Nederland een stijging vanaf de Industriële Revolutie en een versnelde stijging vanaf 1950. Het 11-jarig gemiddelde geeft de variatie van de zonneactiviteit weer. Het 30-jarig gemiddelde laat zien dat er inderdaad sprake is van klimaatverandering.

Uit wereldwijde waarnemingen blijkt dat de gemiddelde temperatuur op aarde sinds de Industriële Revolutie met ongeveer 1,3°C is gestegen. Hoewel sommige gebieden sneller opwarmen dan andere, zien we overal een stijging van de gemiddelde temperatuur.

2021TempAnomalyC_GISSTEMP_1080p30.mp4

Deze kleurgecodeerde wereldkaart toont een steeds grotere afwijking van de gemiddelde temperatuur wereldwijd. Normale temperaturen worden in het wit weergegeven. Hoger dan normale temperaturen worden weergegeven in rood en lager dan normale temperaturen in blauw. Normale temperaturen zijn berekend over de 30-jarige basisperiode 1951-1980. Het laatste frame geeft de 5-jaars mondiale temperatuurafwijkingen van 2018-2022 weer.

Verdieping: Wat warmt op?

We zeggen: de aarde warmt op, maar het zijn vooral de oceanen die opwarmen. Zij beslaan het grootste deel van het aardoppervlak en nemen verreweg de meeste warmte in zich op.

Warmte opname (energie in zettajoule, ZJ) door oceanen (licht- en donkerblauw), ijs (lichtgrijs), land (bruin) en atmosfeer (paars) vanaf 1971. De gestippelde lijnen geven de totale onzekerheid aan. Figuur uit IPCC Synthesis Report (2014).

De opwarming van de oceanen (verandering van de warmte-inhoud) domineert, waarbij het bovenste deel van de oceaan (lichtblauw, tot 700 m diep) een grotere bijdrage levert dan de diepe oceaan (donkerblauw, meer dan 700 m diep; inclusief schattingen onder 2000 m vanaf 1992). De andere domeinen leveren kleinere bijdragen: ijssmelt (lichtgrijs; voor gletsjers en ijskappen, schatting van de Groenlandse en Antarctische ijskappen vanaf 1992, schatting van het Arctische zee-ijs vanaf 1979-2008), opwarming van land (oranje) en opwarming van de atmosfeer (paars; schatting vanaf 1979). De onzekerheid in de oceaanschatting domineert ook de totale onzekerheid (stippellijnen over de fout van alle vijf domeinen met 90% betrouwbaarheidsintervallen).

Nieuw onderzoek, gepubliceerd in 2025, laat zien dat de opwarming van de oceanen gedurende de laatste 40 jaar vier keer zo snel gaat als in de periode ervoor. Aan het eind van de jaren tachtig steeg de temperatuur van de oceanen met ongeveer 0,06 °C per decennium. Inmiddels is dat cijfer gestegen tot 0,27 °C per decennium. De uitkomsten geven aan dat de algehele snelheid van opwarming van de oceanen die de afgelopen decennia is waargenomen, toekomstige trends mogelijk niet betrouwbaar voorspelt. Het is denkbaar dat de temperatuurstijging van de oceanen die de afgelopen 40 jaar is geregistreerd, binnen de komende 20 jaar wordt overtroffen. Aangezien de temperatuur van het oceaanoppervlak een cruciale rol speelt bij de opwarming van de aarde, heeft deze ontwikkeling belangrijke gevolgen voor het klimaat als geheel.

De oceanen hebben een enorme thermische massa vergeleken met de atmosfeer en het land. Ze fungeren bovendien niet alleen als warmteopslag, maar ook als warmtetransportsysteem van de planeet, omdat de oceaanstromingen de warmte herverdelen. De opgeslagen warmte in de oceanen zal de lagere atmosfeer blijven opwarmen, ongeacht welke veranderingen we in de toekomst in de atmosfeer teweegbrengen.

Verdieping: verder terug in de tijd

Wanneer we verder terugkijken in de tijd, zien we dat de huidige opwarming zonder precedent is in de afgelopen 2020 jaar.

Afwijkingen van de temperatuur sinds het begin van de jaartelling vergeleken met het gemiddelde van 1850-1900. De lichtrode band geeft de Middeleeuwse Warme Periode aan en de lichtblauwe band de Kleine IJstijd. Grote vulkaanuitbarstingen in de afgelopen millennia hebben nauwelijks effect gehad op de temperatuurverandering.

Deze grafiek van Ed Hawkins combineert directe temperatuurmetingen met diverse klimaatreconstructies, op basis van boomringen, druipstenen, koralen, enz.  Die bevatten een mate van onzekerheid die wordt aangegeven door de grijze band. De stijging van de temperatuur tijdens de laatste 50 jaar is groter en sneller dan ooit tevoren.

De gegevens laten zien dat er nu in de moderne periode iets heel anders gebeurt dan in het verleden. Ook in de vaak genoemde Middeleeuwse warme periode en Kleine IJstijd veranderde de temperatuur, maar veel minder en veel trager dan nu. De Middeleeuwse warme periode was koeler dan de huidige periode. Afkoeling na grote vulkaanuitbarstingen, zoals in de grafiek aangegeven, duurt meestal maar een paar jaar en heeft weinig effect op de langdurige temperatuurontwikkeling.

Het Maunder Minimum is een periode tussen 1645 en 1715 waarin zonnevlekken zeldzaam waren. Dat wijst op een lagere zonneactiviteit en daarmee een daling van de hoeveelheid stralingsenergie op aarde. Dit wordt wel in verband gebracht met de Kleine IJstijd, tussen ongeveer 1350 en 1850, waarin de gemiddelde temperatuur ongeveer 1 °C lager was dan het gemiddelde. Of er sprake is van een causaal verband is allerminst zeker.

Verdieping: regionale verschillen

Het Copernicus rapport Global Climate Highlights 2024 laat zien hoe de temperatuurveranderingen in dat jaar uiteenliepen.

Gezien de immense omvang en warmtecapaciteit van de oceanen is er een enorme hoeveelheid extra energie nodig om de gemiddelde jaarlijkse oppervlaktetemperatuur van de aarde ook maar een klein beetje te doen stijgen. Hoewel een toename van 1,3 °C sinds het begin van het industriële tijdperk (1850-1900) misschien weinig lijkt, vertegenwoordigt dit een aanzienlijke toename van de geaccumuleerde warmte-energie.

Deze extra warmte leidt tot regionale en seizoensgebonden temperatuurpieken, vermindert de sneeuwbedekking en het zee-ijs, versterkt zware regenval en verstoort leefgebieden van planten en dieren, waarbij die van sommige soorten groter worden en andere juist kleiner.

Stijging van de temperatuur aan het aardoppervlak (in °F) in de afgelopen 30 jaar (1994-2023, onder) vergeleken met de stijging sinds het begin van de 20e eeuw (1901-2023, boven). Bron: NOAA Climate.gov, met gegevens van NOAA National Centers for Environmental Information.

Zoals de kaart laat zien, is de opwarming in de afgelopen 30 jaar veel sneller gegaan dan de gemiddelde snelheid van de opwarming in de afgelopen 120 jaar sinds het begin van de 20e eeuw. Ook is duidelijk dat de meeste landgebieden sneller opwarmen dan de oceanen en dat het Noordpoolgebied sneller opwarmt dan vrijwel alle andere regio's. Op sommige locaties is de opwarming 0,5 °C of meer per decennium. De verschillen zijn het grootst in het noordpoolgebied, waar het verlies van reflecterend ijs en sneeuw de opwarming versterkt.

2.3 Gevolgen voor de rest van het systeem

De opwarming van de atmosfeer en oceanen heeft verstrekkende gevolgen voor andere elementen van het systeem aarde, omdat onze planeet één onderling verbonden geheel vormt. Het is lastig om exacte veranderingen te voorspellen, aangezien het gaat om complexe en niet-lineaire processen. Bovendien blijken nieuwe voorspellingen doorgaans zorgwekkender dan eerdere inschattingen.

Volgende hoofdstukken inventariseren de gevolgen van de opwarming voor de verschillende componenten van het systeem aarde: de atmosfeer, de waterhuishouding, de cryosfeer, de oceanen, de biosfeer, de gezondheid, de economie en de sociale en politieke omstandigheden.